Parodontologie
De letterlijke betekenis van parodontitis is ontsteking (= itis) rondom (= para) de tand (= odont); oftewel de ontsteking van de weefsels rondom de tand of kies. Het is een bacteriële infectieziekte van het tandvlees waarbij in een gevorderd stadium het kaakbot wordt aangetast, wat verlies van tanden en kiezen tot gevolg kan hebben. Parodontitis is te wijten aan de activiteiten van specifieke bacteriën. Daarbij spelen ook verschillende andere factoren een rol, zoals: roken, systemische aandoeningen (waaronder diabetes) en mogelijk ook genetische factoren.
Gezond tandvlees heeft een roze kleur en ligt stevig rondom de tanden en kiezen. Gezond tandvlees is vastgehecht aan de tanden en kiezen. Alleen bij de rand van het tandvlees zit een smalle, ondiepe ruimte tussen het tandvlees en de tanden en kiezen. Deze ruimte wordt een pocket genoemd en is bij gezond tandvlees hooguit 3 mm diep. Gezond tandvlees bloedt niet tijdens het poetsen of het eten.
Ontstoken tandvlees kan rood, slap en gezwollen zijn. Ook kan het gaan bloeden tijdens het poetsen of het eten. Maar dit gebeurt lang niet altijd als vanzelf. Dus als uw tandvlees niet gaat bloeden tijdens het poetsen of eten, wil dat nog niet zeggen dat het gezond is. De tandarts of mondhygiënist kan tandvleesontsteking opsporen met een zogenoemde pocketsonde. De pocketsonde wordt in de smalle ruimte tussen het tandvlees en de tanden en kiezen geschoven (de pocket). Als daarbij bloeding optreedt, is het tandvlees ontstoken.
In de mond zitten vele soorten en ontelbare hoeveelheden bacteriën. Deze hechten zich vast aan de tanden en kiezen. De laag bacteriën op de tanden en kiezen heet tandplaque. Tandplaque is zacht en kleverig en heeft een witte of gele kleur. Daardoor is het moeilijk te zien. De bacteriën in de tandplaque veroorzaken tandvleesontsteking. Ook gaatjes worden veroorzaakt door tandplaque. Tandplaque kan op den duur verkalken en wordt dan tandsteen genoemd.
Bij een beperkte groep mensen richt de tandvleesontsteking op den duur wel schade aan. Eerst laat het tandvlees los van de tanden en kiezen. De pocket, de smalle ruimte tussen tandvlees en tanden en kiezen, wordt daardoor dieper. In deze verdiepte pocket vormt zich weer een laagje tandplaque en vaak ook tandsteen. Zo gaat de ontsteking de diepte in en bereikt het kaakbot. Het kaakbot, waar de tanden en kiezen in vastzitten, wordt daardoor afgebroken. Deze vorm van tandvleesontsteking heet parodontitis. Door parodontitis kan er uiteindelijk zoveel kaakbot verloren gaan dat de tanden en kiezen los gaan staan en tenslotte uitvallen.
Bij parodontitis kan het tandvlees slap, rood en gezwollen zijn. Ook kan het gaan bloeden tijdens het poetsen of eten. Het tandvlees kan op den duur gaan terugtrekken. Een vieze smaak of een slechte adem kunnen duiden op parodontitis. In een gevorderd stadium van afbraak van het kaakbot zullen de tanden en kiezen los gaan staan en kan er ruimte tussen komen. Parodontitis geeft overigens zelden pijnklachten. Maar vaak zijn deze verschijnselen afwezig. Daardoor kan parodontitis lang onopgemerkt blijven.
Ook als er al veel kaakbot verloren is gegaan kan behandeling nog steeds succesvol zijn. Het is vaak moeilijk een scherpe grens te trekken in hoeverre een behandeling nog zin heeft of mogelijk is. Parodontitis geneest alleen als alle tandplaque en tandsteen tijdens de professionele gebitsreiniging of een flap-operatie worden verwijderd. Soms lukt dat niet, bijvoorbeeld als het kaakbot onder een steile hoek naar de wortels toe loopt of als er veel kaakbot verloren is gegaan tussen de wortels van kiezen met twee of meer wortels. De ontsteking blijft daar zitten en het botverlies kan verder gaan. Dan kan worden geadviseerd om die tanden en kiezen te laten trekken. Dat is een optie, als de tanden en kiezen die ernaast staan dan wel goed te behandelen zijn. Ook bij risico’s voor een abces (acute ontsteking met pus) kan het verstandig zijn om de niet meer te redden tanden en kiezen te verwijderen.
Lang niet alle mensen die tandvleesontsteking hebben krijgen ook parodontitis. Dit komt onder andere doordat van persoon tot persoon verschillende soorten en aantallen bacteriën in de tandplaque voorkomen. De agressiviteit van de bacteriën kan sterk verschillen. Daardoor zal de tandplaque van de ene persoon veel schadelijker zijn dan die van een ander. Ook de algemene weerstand tegen bacteriën in de tandplaque speelt een belangrijke rol. Onder andere roken vermindert de weerstand tegen bacteriën in de tandplaque. De soorten bacteriën in de tandplaque en de weerstand tegen die bacteriën bepalen voor een belangrijk deel of iemand parodontitis krijgt.
Parodontitis kan weer terugkomen als een goede mondhygiëne en regelmatige nazorg achterwege blijven. Tandplaque-ophoping door ontoereikende mondhygiëne veroorzaakt opnieuw ontsteking van het tandvlees en verder verlies van kaakbot. Een goede dagelijkse mondhygiëne is daarom van groot belang. Verder is stoppen met roken een belangrijke factor voor het welslagen van de behandeling. In het algemeen is parodontale behandeling succesvol.
Het ontstaan van parodontitis wordt door veel factoren beïnvloed. De bacteriën (aanwezig in tandplaque) veroorzaken infecties. De mate en groei van de ontstekingen die volgen zijn van zeer veel zaken afhankelijk. Erfelijkheidsfactoren spelen daarbij mogelijk een rol. Ook het overbrengen van bepaalde bacteriën onder familieleden lijkt mogelijk.
Er zijn sterke aanwijzingen dat parodontitis samenhangt met enkele andere gezondheidsproblemen. Zowel lichamelijk als psychisch. Diabetes Mellitus, met name de niet goed ingestelde diabetes, geeft een hogere kans op parodontitis. Omgekeerd heeft parodontitis invloed op een goede instelling van de diabetes. Ook hart- en vaatziekten komen relatief meer voor bij mensen met ernstige parodontitis. Het is echter nog niet aangetoond dat parodontitis de oorzaak van deze problemen is. Psychische stress werkt weerstandsverlagend en daardoor neemt de kans op het ontstaan van parodontitis toe.
Roken heeft een negatief effect op het tandvlees en op de behandeling bij problemen. Tijdens het roken worden schadelijke stoffen (zoals nicotine) deels opgenomen in het tandvlees. Met name de nicotine remt de natuurlijke afweer en vermindert een gezonde doorbloeding. Ook herstelt het tandvlees na behandeling slechter door roken. Na het stoppen met roken zijn er bij een tandvleesontsteking vaak meer bloedingen. Dat is een teken van de herstelde doorbloeding van het weefsel.
Veelgestelde vragen over röntgenfoto's
Parodontologie
De kosten voor de intra-orale (= in de mond) röntgenfoto’s voor kinderen tot 18 jaar worden vergoed vanuit de basisverzekering, tenzij het röntgenfoto’s voor orthodontie (beugelbehandeling) zijn. Voor overzichtsfoto’s (panorama-opnamen) bij kinderen tot 18 jaar moet de tandarts een machtiging van de zorgverzekeraar aanvragen. Röntgenfoto’s voor volwassenen worden alleen (deels) vergoed als u een tandartsverzekering hebt.
Het is belangrijk dat u toestemming geeft aan uw mondzorgverlener om röntgenfoto’s door te sturen als u verwezen wordt naar een andere mondzorgverlener. De röntgenfoto’s hoeven dan niet opnieuw gemaakt te worden, wat het stralingsrisico en de kosten beperkt.
Bij het maken van een kleine tandheelkundige röntgenfoto komt altijd een beetje straling vrij, met een klein risico voor de gezondheid. Deze hoeveelheid straling is vergelijkbaar met een stralingsdosis die iemand op loopt bij 1/2 uur vliegen in een vliegtuig op 10km hoogte. Ook kost het maken van een röntgenfoto geld. Daarom wordt een röntgenfoto nooit ‘zo maar’ gemaakt, maar weegt de mondzorgverlener de voor- en nadelen goed tegen elkaar af.
Vaak kan een mondzorgverlener door te kijken in de mond en met onderzoek in de mond al voldoende informatie krijgen, die nodig is voor bijvoorbeeld een behandeling. Een röntgenfoto is dan niet nodig.
Er zijn verschillende redenen om een röntgenfoto te maken, bijvoorbeeld om te screenen op gaatjes (cariës), voor de diagnostiek van botafbraak door tandvleesontsteking (parodontitis), om het proces van een wortelkanaalbehandeling te ondersteunen of bij het plaatsen van implantaten in de mond. In algemene zin geldt dat een röntgenfoto nodig is als er door te kijken in de mond niet genoeg informatie kan worden verkregen voor de diagnostiek of behandeling.
Niet iedereen mag een röntgenfoto maken. Alleen een mondzorgverlener die een speciale opleiding in radiologie en stralingshygiëne heeft gevolg, mag besluiten of een röntgenfoto nodig is. Bij het maken van een röntgenfoto kunnen meerdere mondzorgverleners betrokken zijn, zoals de tandarts, mondhygiënist of de tandartsassistent. Meestal beslist de tandarts of een röntgenfoto nodig is.
Een röntgenfoto is een foto van het gebit, gemaakt met behulp van röntgenstraling. Op de foto kan een mondzorgverlener bot, tanden en kiezen bekijken en controleren op afwijkingen. Er zijn verschillende soorten röntgenfoto’s.